Nieuw onderzoek onder 140 apensoorten laat verschillen in hersencapaciteit zien.

Wat maakt ons tot mens? Is ons brein, het enige dat ook andere hersenen kan bestuderen, op enige wijze speciaal? Een recent verslag over wat ons uniek maakt ,zegt “we hebben hersenen die groter zijn dan verwacht voor een aap, we hebben een neocortex, die drie keer groter is dan voorspeld voor onze lichaamsgrootte. Aangezien wij natuurlijk niet de grootste hersenen op aarde hebben, kunnen onze superieure cognitieve vermogens* niet worden verklaard door zo iets eenvoudigs als de omvang van de hersenen, de meest gemakkelijk meetbaar parameter met betrekking tot de hersenen. Met een kleiner lichaam, maar grotere hersenen dan grote mensapen, wijkt de menselijke soort af van de verhouding tussen lichaam en de hersengrootte die geldt voor andere primaten, inclusief apen. De mens beschikt over een brein dat 5 tot 7 x te groot is voor de lichaamsgrootte”.
Het menselijk brein is dus blijkbaar een uitzondering op de regel en de schaalregels die gelden voor andere primaten zijn niet op ons van toepassing.

Als je, zoals ik, in een Schepper gelooft die elk schepsel “naar zijn soort” schiep, dan is het niet zo verwonderlijk dat mensen hersenen hebben die anders zijn dan de hersenen van apen. Het zijn nu eenmaal verschillende Genesis-soorten. In Fig. 1 worden deze verschillen duidelijk.

Figuur 1. Gewicht in grammen en totaal aantal neuronen voor verschillende soorten zoogdieren. Van links naar rechts en van boven naar beneden neemt het aantal neuronen toe. Alle soorten zijn op dezelfde schaal afgebeeld. Er is een opvallend verschil tussen de hersenen van de mens en de apensoorten daar omheen.

Als je echter in evolutie gelooft en gelooft dat alle dieren een gemeenschappelijke voorouder hebben, dan kun je je daar wel degelijk druk over maken. Dan is het namelijk een raadsel hoe het komt dat de menselijke hersenen zoveel meer kunnen dan de primaten die volgens de evolutietheorie toch onze voorouders zijn. Daar kun je dan wel degelijk van wakker liggen. Waarom is dit verschil er als we toch van dezelfde voorouder afstammen? Dit blijft evolutionistische onderzoekers bezig houden.

Afb. 2 Een fruit etende aap zou een groter brein hebben dan een overwegend bladeren etende aap.

Deze week was er in diverse wetenschappelijke bladen en nieuwsrubrieken een bericht over nieuw onderzoek dat onder 140 verschillende apensoorten werd gedaan. Daaruit is voortgekomen dat apen die fruit eten grotere hersenen hebben dan apen die vooral van bladeren leven. Hoe dat zo? De bedenkster van deze nieuwe, op evolutie gebaseerde theorie, Alex DeCasien, legt uit: “Het eten van fruit is meer cognitief uitdagend dan het eten van bladeren. Een primaat kan in principe overal bladeren vinden, maar hij of zij moet zich herinneren waar en wanneer het beste rijpe fruit kan worden gevonden. Fruit eters bestrijken ook een groter gebied dan bladeters, dus moeten ze over betere navigatie- vaardigheden beschikken. En omdat sommige vruchten moeilijk te bereiken zijn of beschermd worden door verdedigingen zoals een harde schil of stekels, moeten primaten ook problemen oplossen, vaardigheden leren of zelfs gereedschap leren gebruiken.” Evolutie zou de vruchten etende primaten dan hebben gedwongen om grotere hersenen te ontwikkelen en om te gaan met deze complexe foerageer omstandigheden. Alleen jammer dat men er niet bij vertelt hoe dit dan zou werken. Is het werkelijk mogelijk dat de capaciteit van hersenen groeit als het dier dat graag wil of nodig heeft? En geldt dat nu ook bij mensen? Kunnen wij als we dat willen net zo slim worden als Albert Einstein? En hoeveel bananen moeten we dan dagelijks consumeren? De Volkskrant legt in een bespreking van het nieuwe onderzoek wel onmiddellijk een verband tussen apen en mensen. De inleiding van hun nieuwsbericht luidde: “We mogen mandarijn, appel en banaan wel dankbaar zijn. Het vergrote brein van de mens lijkt ten dele ontstaan in reactie op het eten van fruit.”

Ik heb, zoals gezegd, niets met de evolutietheorie, maar als ik dan toch even met hen meedenk, dan vraag ik: “Zouden onze menselijke voorouders werkelijk zo overdadig veel meer fruit hebben gegeten dan de apen, zoveel dat zij daardoor 5 tot 7-voudig grotere hersenen konden krijgen?” Dat lijkt mij absurd. Er moet een andere oorzaak zijn die maakte dat mensen betere hersenen hebben dan apen. Let eens op welke andere oorzaak wordt aangevoerd door een Professor in de taalkunde.

Waarom spreken mensen wel allemaal een taal en waarom kunnen apen dat niet?
In het boek “Taal en de menselijke natuur” van taalkundige Professor Ray Jackendoff. – (ISBN 90-274-4522-2) suggereert hij:
“Een mogelijk antwoord is bijvoorbeeld dat we taal hebben omdat we grotere hersenen bezitten dan dieren. Met dit soort antwoorden moeten we echter voorzichtig zijn. Er bestaan tenslotte dieren met grotere hersenen dan wijzelf, zoals olifanten en walvissen. Er zijn bovendien dieren waarvan de hersenen in vergelijking tot hun lichaamsomvang groter zijn dan bij ons, zoals de tuimelaar( een soort dolfijn). Deze diersoorten maken geen van alle gebruik van taal, of als ze dat wel doen, lijkt die taal volstrekt niet op menselijke taal. Het ligt voor de hand om te denken dat we intelligenter zijn omdat we grote hersenen hebben…. Er is een bezwaar tegen een verklaring die louter gebaseerd is op de omvang van de hersenen: … je kunt een mechanisme geen nieuwe functie geven door er meer van hetzelfde aan toe te voegen. ” – blz. 17,18

Jackendoff geeft om dit duidelijk te maken dan het voorbeeld dat je een auto niet kunt laten vliegen door er meer cilinders, wielen, een extra versnellingsbak of wielen aan toe te voegen. De auto zal er misschien iets beter door gaan rijden, maar het stomme ding zal nooit van de grond komen. Nee, “om een auto te laten vliegen heb je een bepaalde structurele vernieuwing nodig, zoals vleugels of wentelwieken. Hetzelfde geldt voor onze hersenen en taal: al zou je apehersenen de omvang geven van menselijke hersenen, apen zouden er nog niet van gaan praten. Daarom moet er behalve in de omvang verschil zijn in de manier waarop onze hersenen en die van apen in elkaar zitten”.– blz. 18
Ik denk dat professor Jackendoff hier de spijker op zijn kop slaat en aangeeft waarom apen nimmer zullen kunnen spreken: het ontbreekt hen eenvoudig aan een eigenschap die de Schepper wèl in de hersenen van mensen heeft ingebouwd. Jackendoff geeft op blz. 22 en 23 enkele voorbeelden van taal die tonen dat “belangrijke onderdelen van een boodschap die door een taal wordt overgebracht, abstract of niet zintuiglijk van aard zijn.” Bij dieren ontbreekt dit vermogen.
* Mensen hebben een cognitief vermogen . Het is een term die afkomstig is uit de psychologische wetenschap. Het is moeilijk om het begrip concreet af te bakenen; het gaat over taal, geheugen, het vermogen gedrag aan te passen, patronen herkennen, rekenen, het uitwisselen van kennis en tal van andere denkprocessen.

Bron: http://www.sciencemag.org/news/2017/03/eating-fruit-fuels-bigger-brains-primates
http://www.volkskrant.nl/wetenschap/niet-ons-complexe-denkwerk-maar-fruit-deed-ons-brein-groeien~a4479636/

Advertenties

Over gervanpoelgeest

gepensioneerd constructeur, natuurliefhebber
Dit bericht werd geplaatst in Evolutie, Landdieren, Wetenschap en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Nieuw onderzoek onder 140 apensoorten laat verschillen in hersencapaciteit zien.

  1. rf zegt:

    Hallo! Kunt u wat dieper ingaan op het cognitieve vermogen van de mens en het verschil met dieren wat verder uitwerken? Lijkt me wel unteressant.
    Dank.

Reacties zijn gesloten.