Taalkundigen staan verbaasd over het aanleren van taal door kinderen.

Foto 1.   Ouders kunnen al heel vroeg beginnen om het jonge kind voor te lezen.

Foto 1. Ouders kunnen al heel vroeg beginnen om het jonge kind voor te lezen.

Aansluitend op mijn vorige blog nog enkele wetenswaardige zaken over taal. Linguist (taalkundige) Ray Jackendoff en met hem duizenden andere taalkundigen staan verbaasd over de aangeboren grammaticale kennis die kinderen bezitten om een of zelfs meerdere talen te leren. Zij kunnen dat nog steeds niet verklaren. Jackendoff zegt hierover: ” Met andere woorden, een hele gemeenschap zeer goed geschoolde taalkundigen is na jaren van bewust onderzoek en onderlinge informatieuitwisseling niet in staat gebleken de prestaties te evenaren die een kind rond zijn tiende jaar onbewust en zonder hulp levert. ” – “Taal en de menselijke natuur”-blz. 43
Hij heeft zelfs een moeilijke term voor dit fenomeen bedacht, namelijk de paradox van taalverwerving”. Het woord geeft het al aan: het schijnt dus een bijzonder moeilijk en tegenstrijdig probleem te zijn. Taalkundigen kunnen, ondanks dat aanvankelijk de algemene verwachting was dat de oplossing snel gevonden zou worden, nog steeds niet de vinger leggen op de organisatie van de mentale grammatica. Hij illustreert dat door het te vergelijken met de beginjaren van het computertijdperk. Ray Jackendoff verklaart: “Eén van de eerste voorspellingen was dat het zo’n vijf jaar zou duren voor een computer zou kunnen praten en ons zou kunnen verstaan en begrijpen, als we maar een machine zouden kunnen bouwen die groot en snel genoeg is. Maar op het moment van schrijven, veertig jaar later, is het huidige vermogen van computers om gesproken en geschreven taal te begrijpen nog altijd erg gebrekkig. De voorspelling dat de definitieve oplossing nog maar vijf jaar van ons verwijderd is, hoor je echter nog steeds!” – “Taal en de menselijke natuur”– -blz. 43

Hoe werkt dit fenomeen nu waarschijnlijk toch bij kinderen die een taal leren?
“Kinderen zijn voor het leren van een taal uitgerust met een hoeveelheid aangeboren taalkennis. Door gebruik te maken van deze kennis kunnen kinderen patronen ontdekken in de stroom van geluiden die ze in hun omgeving horen. Deze patronen vormen een mentale grammatica. Omdat deze ‘aangeboren kennis’ toereikend moet zijn om een mentale grammatica op te bouwen voor alle mogelijke talen, noemen taalkundigen deze kennis de Universele Grammatica of UG.” – blz. 45
Deze ‘kennis’ is echter geen bewuste kennis. Ze is aanwezig in het onderbewuste. De taalkundigen kunnen daarvoor dus ook niet even bij zichzelf te rade gaan. Ook het woord ‘aangeboren’ moet niet al te letterlijk genomen worden, want meestal beginnen kinderen deze grammaticale patronen pas tegen hun tweede levensjaar te krijgen. Daarna bepalen de geluiden in de omgeving waar het kind opgroeit welke taal (of talen) het verder nog zal leren. Maar hoe dan ook: de Universele Grammatica die elk kind bezit, ongeacht waar het geboren werd, is niet aangeleerd maar het kind heeft die reeds bij de geboorte meegekregen. Taalkundigen breken zich nu het hoofd over de vraag: Hoe kan taalkennis of de cognitieve organisatie van een taal een kind ter beschikking staan voordat het een taal leert?

Evolutionisten hebben hierop geen antwoord.
Voor evolutionistische geleerden zoals Ray Jackendoff is dit een groot raadsel , een mysterie, of een paradox, iets wat eigenlijk niet zou kunnen. Op blz. 50 van zijn boek wordt de vraag gesteld: “Maar hoe is het mogelijk dat een hersenstructuur voor de Universele Grammatica ooit in de genen is gecodeerd?” Jackendoff zegt dan: “Het enig mogelijke antwoord is: door de evolutie. Helaas zijn er geen fossiele resten van de evolutie van taal bewaard gebleven… Het blijft dus een vrij groot raadsel hoe taal geëvolueerd is.” Dus, de enige verklaring die deze met evolutie geïndoctrineerde wetenschapper kan bedenken is dat deze kennis in miljoenen jaren van evolutie geleidelijk is ontstaan. Maar hoe en waarom dat weet hij ook niet.

Waar kan het antwoord wel worden gevonden?
De “aangeboren” Universele Grammatica zou dan het product zijn van het toeval. Maar is dat een redelijke verklaring? Wat denkt u zelf? Was het toeval of ontwerp? Voor gelovigen in de ene ware en Almachtige God Jehovah is het antwoord op die vraag echter helemaal geen probleem. Probeert u zich het volgende eens in te denken: Zou voor de Schepper van de zon, de maan, de aarde of het meest compacte opslagsysteem voor informatie (het DNA in mens en dier) ook maar iets te moeilijk kunnen zijn? Uit het eerste bijbelboek Genesis blijkt dat God de eerste mens Adam schiep met het vermogen om door middel van taal met zijn vrouw Eva te communiceren. Adam stootte niet slechts wat dierlijk gebrom uit, maar was in staat om zijn gedachten in mooie volzinnen te verwoorden. Nadat God uit de rib van Adam een vrouw voor hem had gebouwd en die bij hem bracht, was Adam erg dankbaar en sprak hij op haast dichterlijke wijze: „Dit is eindelijk been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees. Deze zal Mannin (letterlijk ‘vrouwelijke man’) worden genoemd, omdat deze uit de man werd genomen.”- Genesis 2:23

Foto 2.  De hele ontwikkeling van het kind is stap voor stap geprogrammeerd.

Foto 2. De hele ontwikkeling van het kind is stap voor stap geprogrammeerd.

De Schepper van het eerste mensenpaar gaf hen ook de mogelijkheid om zich voort te planten. Hij zorgde er voor dat tijdens de zwangerschap van de vrouw alle lichaamsdelen en organen van de baby zich volgens een door hem geprogrammeerde volgorde harmonisch kunnen ontwikkelen. – Psalm 139:16 Als de baby dan eenmaal geboren is, is het taalvermogen echter nog niet volledig ontwikkeld. Vergelijk het met dat het kind eerst melktandjes krijgt en dat pas in een later stadium het blijvend en steviger gebit wordt ontwikkeld. Dit zijn slechts een paar voorbeelden die alleen het resultaat kunnen zijn van intelligent ontwerpen en programmeren . Zou het voor de Intelligente Ontwerper/Programmeur , die dit allemaal kan, dan ook niet mogelijk zijn om in de genetische code van baby’s over de hele wereld tevens een Universele Grammatica in te bouwen? Dat is voor de God van het universum, “de Maker van hemel en aarde” (Psalm 124:8) slechts een klein detail in het grote geheel. Anders gezegd: dat is voor hem slechts een peulenschil. Hij ontwierp immers ook het kleine atoom en plaatste daarin de kern met daarom heen de in hun banen cirkelende electronen, waardoor diverse elementen konden ontstaan? Dmitri Mendelejev ontdekte in 1869 hoe vernuftig het “Periodiek systeem der elementen” in elkaar stak, maar het is wel door de Schepper ontworpen. Jammer dan als sommigen zijn bestaan ondanks veel aanwijzingen toch bewust of onbewust ontkennen.

Advertenties

Over gervanpoelgeest

gepensioneerd constructeur, natuurliefhebber
Dit bericht werd geplaatst in Intelligent Design, Menselijk lichaam, Taal en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.